Klein-seminarie Beresteyn, Voorschoten

Van 1968 tot 1972 heb ik gewoond op het landgoed Beresteyn aan de Leidseweg 191 in de gemeente  Voorschoten, waarvan de meeste gebouwen (met uitzondering van het hoofdgebouw aan de Leidseweg) binnenkort plaats zullen maken voor appartementgebouwen voor ‘rijkere’ ouderen. De eerste twee jaar dat ik er woonde was Beresteyn klein-seminarie, bedoeld als basisopleiding voor rk-priesterstudenten.

Geweldige tijd

Een geweldige tijd heb ik er gehad: echt alle sport- en spelfaciliteiten (heb zelfs geleerd croquet te spelen), culturele activiteiten als bezoek aan theaters, geweldige sociale cohesie, vriendschappen, en luxe. Waar ik thuis – in Hoogmade (eerst aan de Van Fenemalaan, later aan Noordeinde 20 – niet meer dan twee keer in de week vlees bij de warme maaltijd kreeg, aten wij als studenten dagelijks een drie-gangenmenu, hadden meestal als eersten aardbeien, druiven, etc.

 

De slaapzaal voor de ‘groten’ (oudere studenten vanaf circa 15 jaar). In dit gebouw (rechts) was ook de recreatiezaal van groep 3 (15-plus) alsmede (sedert 1969) de ziekenzaal, waar zieke studenten verbleven.

Montfort

Het seminarie werd geleid door paters en broeders Montfortanen, een congregatie vernoemd naar Louis Marie de Montfort (1673-1716, Frankrijk, heilig verklaard in 1947 door Pius XII). De congregatie vestigt zich, vanuit Limburg, in 1954 in het toen al bekende opleidingsinstituut Wullings in Voorschoten. Die kostschool vestigde zich in 1893 in dat dorp, in de villa die in 1833 was gebouwd door jonkheer Hugo van Beresteyn, die het overigens maar kort bewoonde want wegens financiële problemen was hij gedwongen het in 1846 te verkopen.Voor meer info, zie home.kpn.nl/aj.murck/ of zoek onder ‘Beresteyn’.

 

Bij het seminarie hoorde circa 5 hectare bos, prachtig gesloten groen met mooie sloten en een voetbalveld, een open-luchttheater en een soort grot.

Piet Lommerse

In de jaren dat Beresteyn nog seminarie was, was er een actieve werving van studenten op – uiteraard – katholieke lagere scholen. ‘Wervingspater’ Piet Lommerse (geboren 1919, Hazerswoude, overleden 1977) bezocht de Onze Lieve Vrouw Geboorte School in Hoogmade in december 1967. Ik was er niet bij, want ik lag in het AZL vanwege een longontsteking. Toen ik later van zijn bezoek hoorde, was ik er direct van overtuigd dat Beresteyn mijn toekomst was. Ik liet dat aan mijn moeder weten, die openlijk haar twijfel uitsprak, want ze vond mij nogal ongeduldig’ Ze overlegde met het toenmalige hoofd van de school meester C.J. Poncin, die ongeduldigheid – hij was het immers zelf ook, zo zei hij – zeker niet als een handicap zag voor het priesterschap.

Bezoek aan Beresteyn

Mijn moeder belde daarop – op een vrijdagochtend in januari 1968 – op naar Beresteyn en nog geen twee uur later stond pater Lommerse met zijn witte Ford Cortina voor ons huis aan het Noordeinde. We moesten op zijn aandringen meteen mee voor een bezoek aan het seminarie, hoewel mijn moeder tegenstribbelde omdat het vrijdag – drukke werkdag – was. Zus Mieke, broertje Paul, mijn moeder en ik bezochten nog diezelfde middag Beresteyn. Ik was zeer onder de indruk van al die gebouwen, spannend was het ook. Ik was direct om.

Mammoetwet

1968 was ook het eerste jaar van de Mammoetwet. Was het tot dat jaar toegestaan dat priesters zelf op Beresteyn les gaven, vanaf 1968 moesten alle studenten ‘naar buiten’, naar het Adelbert College in Wassenaar (havo, gymnasium, atheneum) of de Emmanuel-mavo in Voorschoten (Van Beethovenlaan).

De grot, een soort onderdoorgang die dood liep.

Omdat ik hoge punten op mijn rapport had (achten en negens), mocht ik toelatingsexamen doen voor het gymnasium in Wassenaar. Ik ging hopeloos onderuit, waarmee het slechte onderwijsniveau – vooral als gevolg van langdurige ziekte van meester Poncin (overleden in 1970) – van de school is aangegeven. Veel Hoogmadese klasgenootjes van mij hadden toen al gekozen voor onderwijs in onder meer Leiderdorp. Ik woonde 4 jaar op Beresteyn en maakte de mavo af.

Reünie

De voormalige volière waar vele, vaak exotische vogels verbleven.

De kapel die na het vertrek van de paters Montfortanen in gebruik werd genomen door klasbedrijfjes, tevens een vorm van anti-kraak.

De voormalige eetzaal waar studenten met 7 tot 8 personen per tafel o.l.v. een tafeloudste aten. Elke student hard eigen bestek, servet en servetring. Na de maaltijd werd het bestek gespoeld in een teiltje met warm water dat op elke tafel werd geplaatst.

In september 2014 heb ik samen met Ad Murck en Bert Hes een reünie georganiseerd in het Wapen van Voorschoten. Daar kwamen circa 70 oud-studenten (van de circa 400) bij elkaar. Ter gelegenheid daarvan heb ik alle oude gebouwen van Beresteyn gefotografeerd. Het resultaat bijgaand.

Het hoofdgebouw aan de achterkant, waar de paters en broeders van de congregatie der Montfortanen woonden en werkten. Nadat het seminarie als onderwijsinstituut was gesloten (1970) gaf een aantal (paters) van hen les op het (latere) Lucas-College en het Adelbert- College in Wassenaar.

1 antwoord
  1. Martien Fransen
    Martien Fransen zegt:

    Ben er vandaag geweest ziet er erg vervallen uit. Wel zonde dat het geen betere bestemming krijgt.Heb er van 1977 – 1981 gezeten en een goede tijd gehad.
    Martien Fransen

    Beantwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *